Het werken in een kalverslachterij
In drie tv-uitzendingen van de RVU in het kader van "Werken aan werk" (vanaf 28 november 2000) werd het werk van Nederlandse kalverenslachters getoond. De uitzendingen staan niet meer op de site van de RVU, maar de film is nog te zien op YouTube: klik op de foto.
In Azië worden katten en honden gegeten. Men vindt dat daar net zo gewoon als het eten van kippen en varkens. Wanneer je er tegen kunt, is hier een fotorapportage. |
Het leven van een kalf
Een koe krijgt elk jaar een kalf, omdat ze anders geen melk geeft. Een deel van de kalveren wordt opgefokt als opvolger van de melkkoeien, de rest wordt vleeskalf. Dat gebeurt niet altijd in de buurt: kalveren mogen al vanaf twee weken oud worden vervoerd, en worden ook over de grens getransporteerd. Witvleeskalveren gaan meestal rond een half jaar naar de slacht, rosékalveren na acht à negen maanden. Lees meer over hun leven bij de misstanden in de bio-industrie.
|
Cijfers
Op 1 april 2026 stonden er 933.540 vleeskalveren op 1.320 Nederlandse bedrijven, gemiddeld ruim 700 per bedrijf. In 2000 waren dat er 782.720 op 2.880 bedrijven. In 2025 werden in Nederland 1,37 miljoen kalveren geslacht, 90% van hen jonger dan negen maanden.
Bijna al het Nederlandse kalfsvlees, zo'n 95%, gaat naar het buitenland. Zouden we niet exporteren, dan was er minder dierenleed, een lagere consumptie van vlees en minder honger in de wereld. In deze (oudere) grafiek zie je hoeveel Nederland zelf produceert, opeet en exporteert.
Bronnen: CBS (landbouwtelling 2026, voorlopig; slachtingen 2025), Dierenbescherming. Bijgewerkt 1 oktober 2026.
Zie ook de cijfers uit en rondom de kalverhouderij en meer over emotionele betrokkenheid bij dieren. |